De meest gestelde vragen aan ons vindt u met antwoord hier.
Heeft u een vraag die niet hieronder wordt beantwoord, dan kunt u natuurlijk altijd met ons contact opnemen.
Ik heb een ingegroeide teennagel.
Moet ik voetenbaden nemen met badedas of soda?
Nee, door de badedas of soda wordt de nagel na het voetenbad extra hard en de huid wordt juist erg zacht en dus kwetsbaar. Hierdoor zal het probleem verergeren.
Ik heb een kalknagel, wat kan ik daarmee doen?
Een schimmelnagel wordt in de volksmond een kalknagel genoemd. De schimmel zorgt ervoor dat de nagel er geel/bruin of soms wit-achtig uit komt te zien. De schimmel zorgt er ook voor dat de nagel verdikt is en bros/brokkelig word.
Omdat de schimmel onder de nagelplaat zit is deze vaak slecht te bestrijden. Vaak helpen de zalfjes en tincturen niet voldoende om de schimmel geheel te laten verdwijnen. Dit komt omdat ze niet goed genoeg door de nagel heen kunnen dringen, juist op de plek waar ze de schimmel moeten bestrijden. Ze kunnen wel helpen om uitbreiding naar andere nagels te voorkomen.
De enige adequate behandeling is via een medicijnkuur. Helaas hebben deze een zware belasting op lever en nieren, waardoor deze uit angst voor de bijwerkingen niet snel worden voorgeschreven. De huisarts kan bepalen, mede door uw medische historie, of u met een kuur kunt starten.
Wat is het verschil tussen podotherapie en podologie?
Podotherapie is het enige wettelijke erkende "voetenberoep" in Nederland. Als iemand zich podotherapeut noemt kunt u er vanuit gaan dat deze de HBO-opleiding podotherapie heeft gevolgd en met goed gevolg heeft afgesloten.
Veelal wordt dit beroep verward met een podoloog. Dit is een niet wettelijk erkend beroep en valt bij verzekeraars veelal onder het alternatieve circuit. Een podoloog heeft een cursus gevolgd met een kortere opleidingsduur. Uiteraard zijn er podologen die kennis van zaken hebben, maar helaas is dit niet voor de patiënt te zien aan de buitenkant. Het beroep is niet beschermd, waardoor het in principe kan gebeuren dat iemand zonder benodigde kennis van zaken dit beroep gaat uitoefenen.
Adviezen bij het dragen van een podotherapeutische zool.
Gebruik van de zolen
- In het begin zal dragen van zolen niet altijd even comfortabel zijn. Er zitten verhogingen onder uw voeten die u niet gewend bent. U kunt het beste het dragen van de zolen opbouwen. Begin met een paar uur, bent u de zolen moe, doe ze dan uit. De dag erna moet u de zolen weer wat langer gaan dragen. Kunt u de zolen vanaf het begin hele dagen verdragen, dan mag u ze gewoon inhouden.
- Zolen kunnen in het begin voor spierpijn zorgen, dit komt doordat uw voetstand veranderd. U kunt spierpijn voelen in de voeten, kuiten, bovenbenen, billen en lage onderrug. Deze spierpijn trekt normaliter vanzelf weg.
- Zorg ervoor dat de bodem in uw schoenen zo vlak mogelijk is, vóór u de zooltjes draagt. Verwijder alle onregelmatigheden of comfortzooltjes die al in de schoenen zitten. Dit zorgt ook voor meer ruimte in de schoen.
- Wanneer u zolen wilt dragen in open schoenen, dan kunnen de zolen eventueel op de plaats gehouden worden met een stukje klittenband.
- Gaat u nieuwe schoenen kopen? Neem dan altijd de zolen mee.
Onderhoud van de zolen
- Haal de zolen iedere avond uit de schoenen.
- Als de zolen nat worden door transpiratie of regen, leg ze dan om te drogen niet bij de verwarming of kachel, hierdoor kunnen ze gaan opkrullen. Dit verkort de levensduur van de zolen.
- Leren zolen kunt u het beste onderhouden door ze 1 keer per 3 a 4 weken aan de leerzijde in te vetten met kleurloos schoenpoets of leervet.
- Zolen met een kunststof bovenlaagje kunnen indien nodig afgeveegd worden met een vochtige doek en zeep, daarna goed laten drogen.
- Als de bovenlaag begint te slijten, dan kunt u de zolen bij uw podotherapeut weer van nieuwe bovenlaag laten voorzien.
- Wanneer er bepaalde plekjes zijn die niet prettig zitten of naar verloop van tijd niet meer voldoende ondersteunen, kunnen de zolen meestal vrij snel aangepast worden. Neem hiervoor contact op met uw podotherapeut. Een jaarlijkse controle is raadzaam.
- De levensduur van zolen is 2 tot 3 jaar. Uit onderzoek is gebleken dat zelfs bij gebruik van de beste materialen de effectiviteit van de correctie vermindert.
Adviezen bij het dragen van een orthese
Gebruik van de orthese
- In het begin zal de orthese niet altijd erg comfortabel zitten. Geef uw voeten de tijd om even te wennen. Bouw het gebruik van de orthese geleidelijk op. Begin bijvoorbeeld met een uur per dag en bouw het zo langzaam op.
- Het teenstukje mag geen blaren veroorzaken of pijn doen, dit merkt u al na een paar dagen. Indien dit het geval is moet u contact opnemen met de Podotherapeut.
- De orthese blijft het beste zitten met sokken en dichte schoenen, mits daar voldoende ruimte voor is. Houd bij het kopen van nieuwe schoenen dus ook rekening met de orthese.
- Probeer, indien mogelijk, de orthese altijd met twee handen aan te brengen en te verwijderen (nooit trekken), anders kan deze makkelijk scheuren.
Onderhoud van de orthese
- U kunt de orthese afwassen onder de kraan met zeep. Daarna wel goed laten drogen of eventueel in talkpoeder leggen.
- Kleine beschadigingen aan de orthese kunnen door uw podotherapeut vaak nog (kosteloos) gerepareerd worden. Zorg er dan welk voor dat u alle gedeeltes van de orthese nog heeft.




