Hypermobiliteit

Hypermobiliteit wordt ook wel hyperlaxiteit of overbeweeglijkheid genoemd. Wanneer banden en pezen te soepel zijn, is er sprake van hypermobiliteit. Het doel van deze banden en pezen is om botten bij elkaar te houden. Wanneer iemand hypermobiel is, zijn de banden rond de gewrichten te slap en te lang, waardoor de gewrichten te weinig steun krijgen. Hypermobiliteit komt meestal voor op jonge leeftijd voor omdat het lichaam nog in de groei is en de spieren nog niet volledig ontwikkeld zijn. Naarmate men ouder wordt, worden de banden en pezen stugger waardoor men ‘er over heen groeit’.

Klachten bij hypermobiliteit

Bij hypermobiliteit kunnen er klachten ontstaan aan het bewegingsapparaat. Zo kunnen uw spieren sneller overbelast raken omdat deze het gebrek aan stabiliteit in het gewricht zullen compenseren. Hierdoor ontstaan bijvoorbeeld vermoeide voeten of benen, of vermoeidheid aan uw rug. Door te slappe banden kunnen de voeten naar binnen kantelen. De spieren in de voeten en benen, maar ook in de rug worden dan te hard aangespannen. Doordat de spieren steeds opnieuw te hard worden aangespannen ontstaan er op den duur klachten.  Indien de gewrichten niet worden overbelast, zijn er meestal geen klachten. Door intensief te sporten of door zware arbeid kunnen klachten toenemen.

Veel voorkomende klachten bij zijn;

Behandeling hypermobiliteit

Een podotherapeut kan bij hypermobiliteit de voetstand en het looppatroon verbeteren door middel van podotherapeutische steunzolen. Hierdoor worden de trekkrachten van de spieren minder en zullen dus minder snel vermoeid raken. De verbetering van de voetstand zal het zwikken van de enkel tegengaan. Daarnaast is het ook verstandig om de spieren sterker te maken door middel van oefeningen. Hierin zal een fysiotherapeut een rol spelen. Uiteraard is stevig schoeisel ook belangrijk. Steviger schoeisel zal er tevens voor zorgen dat de schoenen minder snel slijten.

Reactiemogelijkheid is gesloten